Gemeenteraadsverkiezingen 1986

Uit: L. Koeneman, P. Lucardie en I. Noomen, 'Kroniek 1986. Overzicht van de partijpolitieke gebeurte­nissen van het jaar 1986' in: R.A. Koole (red.), Jaarboek 1986 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 1987), 15-61, aldaar 15-17.

gemeenteraadsverkiezingen 1986   

Op 19 maart vonden de vierjaarlijkse gemeenteraadsverkiezingen plaats. Hoewel plaatselijke omstandigheden natuurlijk een belangrijke rol speelden, werden deze verkiezingen veelal opgevat als een voorronde voor de Tweede Kamerverkiezingen van mei. Partijen speelden daar in hun campagne vaak op in. Het verst gingen wellicht het CDA met affiches waarop het portret van minister‑president Lubbers prijkte, en D66 met de leuze 'Straks Van Mierlo, nu...' (volgde de naam van de plaatselijke lijsttrekker). Wellicht droeg deze campagne bij tot een rela­tief hoge opkomst: 72.7%; in 1982 slechts 67.8%.    

Het electoraat verschilde enigszins van het kiezerscorps voor de Tweede Kamer, aangezien nu voor het eerst buitenlanders, mits tenminste vijf jaar in Nederland woonachtig, aan de gemeenteraadsverkiezingen deel mochten nemen; in het buiten­land woonachtige Nederlanders konden aan de verkiezingen van de Tweede Kamer wèl maar aan die van de gemeenteraden niet meedoen. Volgens een onderzoek van de Vakgroep Collectief Politiek Gedrag aan de Universiteit van Amsterdam bracht bijna de helft van de migranten in Amsterdam op 19 maart zijn of haar stem uit. Opvallend laag was de opkomst onder Marokkanen (28%), waarschijnlijk als een gevolg van de afkeuring die koning Hassan over Marokkaanse deelname aan buitenlandse verkiezingen had uitgesproken. De stemmen van de buitenlanders kwamen ‑ althans in de Amsterdamse onderzoeksgroep ‑ voorname­lijk ten goede aan de Partij van de Arbeid, in veel mindere mate aan het Christen Democratisch Appl en de kleine linkse partijen. Overigens konden buitenlandse ingezetenen zich ook kandidaat stellen voor gemeenteraden. Een twintigtal deed dat met succes. Afzonderlijke lijsten voor buitenlanders trokken echter weinig stemmen; slechts in Oss won een Lijst‑Akay een zetel.

Niet alleen onder allochtone maar ook onder autochtone kiezers deed de PvdA het goed bij deze verkiezingen. Zij bleef de grootste partij in de vier grote steden en in een aantal kleinere in het Westen en Noorden des lands, terwijl zij in zuidelijke steden als Breda, 's Hertogenbosch, Nijmegen, Maastricht en Kerkrade het CDA van de eerste plaats verdrong. Haar winst ging niet alleen ten koste van het CDA, maar ook van de kleine linkse partijen. Met name de Communistische Partij van Nederland (CPN) leed gevoelige verliezen en raakte bijvoorbeeld in haar noordelijke bolwerk Finsterwolde de meerderheid in de raad kwijt. De van de CPN afgesplitste marxisten‑leninisten die in 1985 het Verbond van Communisten in Nederland hadden opgericht, profiteerden weinig van de CPN‑verliezen. Slechts één kandidaat van het Verbond, R. Visser, wist in de Friese gemeente Lemsterland een zetel te winnen. Nog minder geluk had de linkse afsplitsing van de Pacifistisch Socialistische Partij, die als Partij voor Socia­lisme en Ontwapening in enkele gemeenten kandidaten had ge­steld maar nergens een zetel verwierf. Veel beter ging het de Socialistiese Partij, die haar zeteltal van 1982 nagenoeg verdubbelde ‑ van 21 naar 41 zetels. Hoewel nog steeds het sterkst in het Zuiden behaalde de partij nu ook zetels in steden elders, bijvoorbeeld Groningen, Utrecht en Zoetermeer. (Zie over de SP voorts de bijdrage van G. Voerman in dit Jaarboek.)

Aan de rechterkant van het partijenspectrum verging het de kleine partijen niet veel beter dan aan de linkerkant. De protestants‑christelijke partijen, die in een aantal gemeenten samenwerkten, wisten zich over het algemeen wel te handhaven. De Centrumpartij behaalde in 5 gemeenten één zetel; vergeleken met de Europese Verkiezingen van 1984 had ze ook in die ge­meenten stemmen verloren. De van haar afgesplitste Centrum‑De­mocraten behaalden geen enkele zetel. Dat gold ook voor de extremere Nederlandse Volksunie en Neerlands Herstel, die na een beroepsprocedure via de Raad van State in Den Haag respec­tievelijk Arnhem een lijst mochten indienen maar daarmee slechts 0,2% respectievelijk 0,5% van de stemmen verwierven. Bij de groep Neerlands Herstel was overigens ook de weduwe van het NSB‑Kamerlid Rost van Tonningen betrokken, die later in het jaar in opspraak zou komen door het pensioen dat zij van de overheid ontving. Bij de gemeenteraadsverkiezingen verloor het CDA, zoals reeds vermeld, stemmen aan de PvdA, met name in het Zuiden. Door de bank genomen verloor het CDA echter wei­nig, ten opzichte van 1982. Waarschijnlijk trokken de Chris­ten‑Democraten stemmen van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD), die wèl ernstige verliezen leed. De Democra­ten 66 wisten zich ongeveer op het peil van 1982 te handhaven.    

Enkele gemeenten hielden hun raadsverkiezingen op een latere datum: Nieuwegein vanwege technische fouten; zeventien gemeen­ten in de Bommelerwaard en Midden‑Betuwe vanwege een gemeente­lijke herindeling.    

Laatst gewijzigd: 1 28-06-2012 08:43:51