Gemeenteraadsverkiezingen 1990

Uit: P. Lucardie, M. Nieboer en I. Noomen, ‘Kroniek 1990. Overzicht van de partijpolitieke gebeurtenissen van het jaar 1990’ in: G. Voerman (red.), Jaarboek 1990 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen 1991), 14-57, aldaar 14-16.

gemeenteraadsverkiezingen 1990

Op 21 maart 1990 werden verkiezingen gehouden voor de gemeenteraden. Het meest opvallende resultaat was de lage opkomst: 61%, lager dan ooit bij raadsverkiezingen. Volgens een enquête van het bureau Inter/View Nederland bleef maar een klein deel van de kiezers thuis uit onvrede met het gemeentelijk beleid of de Nederlandse politiek in het algemeen; de meeste niet-stemmers gaven tijdgebrek of 'omstandigheden' als redenen op. Een deel kwam wellicht niet op omdat de raadsverkiezingen in 1990 niet (zoals in 1986) sterk in het teken van de landelijke politiek stonden.

De lage opkomst schaadde waarschijnlijk vooral de grote partijen, in het bijzonder de PvdA. Het CDA boekte winst vergeleken met de raadsverkiezingen van 1986, maar verloor vergeleken met de Tweede Kamerverkiezingen van 1989. De PvdA verloor ruim 500 raadszetels ofwel 4,5% van de stemmen; ten opzichte van de Kamerverkiezingen van 1989 een verlies van ruim 4%. De klap kwam het hardst aan in de grote steden, waar de partij meer dan 10% verloor - in Almere zelfs bijna 20%. Volgens sommige waarnemers werd de PvdA hiermee gestraft voor haar 'zelfvoldane bestuurscultuur' en haar grootschalige aanpak in tal van steden ('Manhattan-plannen'). Voor zover haar ontevreden kiezers niet thuis bleven, stemden ze veelal op D66 of Groen Links, maar ook (vooral in het Zuiden) op het CDA. D66 boekte met name in de steden veel winst en wist haar zeteltal bijna te verdrievoudigen. Groen Links ging eveneens vooruit, maar minder fors. De VVD verloor ruim 200 zetels (4%), maar bleef stabiel ten opzichte van de Tweede Kamerverkiezingen.

tabel uitslag gemeenteraadsverkiezingen 1990 (in zetels)

 

1986

1990

CDA 

3242

3317

PvdA

2775

2238

VVD

1681

1423

D66

229

651

GPV/RPF/SGP

462

545

GroenLinks

254

385

SP

41

71

FNP

21

27

CD

0

11

CP’86

4

4

Groenen

1

3

VCN

1

1

Gemeentebelangen/overige

1644

1779

Totaal

10355

10455

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bron: de Volkskrant, 23 maart 1990

Een aantal kleine links- en rechtsextreme partijen behaalde winst: zo kreeg de Socialistiese Partij (SP) er een dertigtal zetels bij en sleepten de Centrumdemocraten 11 zetels in de wacht, terwijl de Centrumpartij'86 4 zetels wist te behouden. Ook lokale partijen (gemeentebelangen) gingen vaak iets vooruit, evenals de Fryske Nasjonale Party. Het totale aantal zetels was overigens uitgebreid van 10355 tot 10455 (zie tabel). Het aandeel van vrouwelijke raadsleden nam toe van 19% (in 1986) tot 22%.

De electorate verschuivingen leidden over het algemeen niet tot grote veranderingen bij de collegevorming. In Amsterdam ontstond een college van PvdA, Groen Links, D66 en VVD; in andere grote steden bleef doorgaans het CDA binnen en Groen Links buiten het college van B en W.

In enkele gemeenten werden na maart raadsverkiezingen gehouden. In Egmond was in maart de lijstverbinding van PvdA en Groen Links niet op het stembiljet vermeld en vonden daarom nieuwe verkiezingen plaats op 23 mei. Groen Links moest daarbij een zetel inleveren, de VVD won er één bij.

In drie gemeenten ten noorden van Amsterdam werden wegens gemeentelijke herindeling nieuwe raden verkozen op 7 november. Omdat een aantal oproepkaarten een verkeerd adres van het stembureau vermeldden, moest een deel van deze kiezers in januari 1991 opnieuw het stembureau in kwestie opzoeken. Op 28 november werden eveneens wegens herindeling in enkele Limburgse en Zuid-Hollandse gemeenten raadsverkiezingen gehouden. Evenals in Noord-Holland bleef hier de opkomst laag. De resultaten vertoonden grotendeels hetzelfde patroon als de verkiezingen in maart: het CDA handhaafde zich of ging iets vooruit (met name in Limburg); de PvdA verloor, vooral in de grotere gemeenten; de VVD verloor (in Zuid-Holland) of bleef gelijk (Limburg); D66 drong in enkele gemeenten voor het eerst in de raad door; Groen Links won in Roermond twee zetels van de PvdA. Plaatselijke partijen deden het in Noord- en Zuid-Holland goed, terwijl ze zich in Limburg wisten te handhaven.

Laatst gewijzigd: 1 28-06-2012 09:00:22